(2003-2005)
I noticed them standing by the work cabinets right at the start of the journey, covered in scratches, scores and stains. It’s a nice little job to find a good spot near the boots and create a daylight studio there. In the short corridor near the left side door I went outside, opened the door, let the daylight in, built a small platform and created a background décor there: a tarpaulin covered in kaolin traces. Later I moved onto the deck, underneath the shelter. First I made a series of small Polaroids, twenty plus, in which underexposed photos play an interesting role too, in conjunction with the changing light or my changing locations, providing the series with varying hues. I also utilized the coffee break, when the men took their boots off before going inside. I call this series Seawalking. It's an ode to the work boot that must always keep moving ahead. I was reminded of Pablo Neruda’s Ode to the shoe from his series of poems Odes, in which he describes how a human being, after an initial period of freedom, even of flight, becomes imprisoned in the shoe because he has to go out into the world, which in fact is an initiation into the adult world of pain, desire and finding your destiny. This afternoon I worked on the shoes again, but now with the Hasselblad, precise and focused. At least I didn’t lug that contraption along for nothing. It is great to see how something which initially leads to surprise or wonder, even incomprehension, with the crew, later on does start to come together. The shoes are like faces, full of expression. Each shoe carries its own life story, of the person who has trudged along in it and plodded away, but may also have walked up to the forward deck at night to watch the moon. The shoes are ships too, drifting on an imaginary sea. The men suddenly look at their own shoes through different eyes, the same shoes which they often swear at and kick off at the end of their working day. This afternoon I gave each shoe a name, such as:
Smiling Shoe, Secret Shoe, Pale Shoe, Proud Shoe, Sniffy Shoe, Dandy Shoe, Magic Shoe, Egg Shoe, Big Mouth Shoe, Hurt Shoe, Night Shoe, Toothcleaner Shoe, Eyeglass Shoe, Peeping Shoe, Writer’s Shoe, Laughing Shoe, Ghost Shoe, Drunken Shoe, Disturbed Shoe, Dirty Joke Shoe, Polite Shoe, Crying Shoe, Lonely Shoe. (translation: Klaas Levelt & Simone Veenstra)
uit: Journaal, blz. 25-32
vrijdag 19 december Om vijf uur wakker na een lekkere nacht, die gisteravond om tien uur begon. Eerst nog wat gelezen in August Willemsen, Vrienden, vreemden, vrouwen, al het getob in zijn jonge jaren, maar daar dwars doorheen: hoe word je wie je bent. Een mooi en eerlijk dagboek.
Tegen zessen naar de brug, het net geboren daglicht en de al aanwezige warmte in. Onze gevleugelde passagier van gisteren heeft er een paar maten bij gekregen, ze zitten lekker in het vroege ochtendzonnetje te dommelen of misschien wel heel wijsgerig te wezen. De eerste bemanningsleden zijn al op, naast de wachters van de nacht natuurlijk die elk moment afgelost kunnen worden. Aan de geluiden te horen starten overal activiteiten. Dat ontwaken vinden wij in de stad ook altijd zo speciaal, vroege vogels als we zijn.
Voor de twee lopende series, afwezige vrouwen en gesloten ogen heb ik ze direct weer nodig, maar het leek me goed vanochtend iets aan te pakken dat meer op zichzelf staat: de werkschoenen. Ik heb ze al vanaf het begin bij de werkkasten zien staan. Vol krassen, kerven en spatten. Lekker om even een goeie plek te vinden dicht bij de schoenen en daar een daglichtstudio te bouwen. In het gangetje vlak bij de linker zijpoort naar buiten, deur open, daglicht naar binnen, kleine verhoging en daarop een achtergrondje gemaakt: een dekzeil vol met kaolinesporen, later op het dek onder het afdak. Eerst een reeks kleine polaroids, iets meer dan twintig, waarin ook de onderbelichte foto’s een mooie rol spelen, samen met het veranderende licht of mijn veranderende plaatsen, waardoor de reeks verschillende kleurtinten krijgt. Ik maak ook gebruik van de koffiepauze, wanneer de werkschoenen worden uitgetrokken vóór het binnengaan. Ik noem de reeks Seawalking. Een ode aan de werkschoen die alsmaar vooruit moet. Ik moet denken aan Pablo Neruda’s ‘Ode aan de schoen’ uit zijn gedichtenreeks Odes, waarin hij beschrijft hoe een mens als kind na een eerste periode van vrijheid, van vliegen zelfs, gevangen raakt in de schoen omdat hij de wereld in moet en daarmee feitelijk wordt ingeleid in de volwassen wereld van pijn, verlangen en het vinden van je bestemming. Vanmiddag de schoenen nog eens, maar nu met de Hasselblad, precies en scherp, zo heb ik dat apparaat ook niet voor niks meegesjouwd. Het is mooi om te merken dat iets wat bij de bemanning eerst verbazing of verwondering oproept, misschien zelfs onbegrip, later toch begint te werken. De schoenen zijn net gezichten, vol uitdrukking. Elke schoen heeft het eigen levensverhaal van iemand die erop heeft rondgesjokt, geploeterd, maar misschien ook naar de voorplecht is gelopen in de nacht om naar de volle maan te kijken. De schoenen zijn ook boten, dobberend op een imaginaire zee. De mannen kijken ineens met andere ogen naar hun eigen schoenen, die ze zo vaak vervloeken en uitschoppen op het eind van de werkdag. Vanmiddag heb ik elke schoen een naam gegeven, zoals:
Smiling Shoe, Secret Shoe, Pale Shoe, Proud Shoe, Sniffy Shoe, Dandy Shoe, Magic Shoe, Egg Shoe, Big Mouth Shoe, Hurted Shoe, Night Shoe, Toothcleaner Shoe, Eyeglass Shoe, Peeping Shoe, Writers Shoe, Laughing Shoe, Ghost Shoe, Drunken Shoe, Disturbed Shoe, Dirty Joke Shoe, Polite Shoe, Crying Shoe, Lonely Shoe.
In 2003 maakte ik een reis met een vrachtschip, van Antwerpen naar Bélem in het noorden van Brazilië.
Het gehele project is gepubliceerd in het boek Journaal, waarvan ook een Engelse editie bestaat: Journal, in de voortreffelijke vertaling van Klaas Levelt en Simone Veenstra.
Het boek, vormgegeven door Wigger Bierma, werd uitgegeven in 2005, in samenwerking met Uitgeverij De Verbeelding in Amsterdam.
Het boek bestaat uit twee delen: een geschreven journaal, waarin de reis van dag tot dag beschreven wordt, zowel als persoonlijke ervaring en sociale gebeurtenis, alsook de ontwikkeling van dit fotografisch project. Het tweede deel beslaat uiteraard de fotografie.
De tekst van het journaal wordt in het boek halverwege onderbroken met een van de fotografische deelprojecten: de schoenen.
A sand collection / Een zandverzameling
twelve remembered landscapes / twaalf herinnerde landschappen (1996-2009)
Assisi
Barcelona ,
Ameland, Abaye de Fontenay, St. Job in ’t Goor, Gouville,
Terezín, Budapest, Esch-sur-Sure, Gorges du Tarn,
Kesikköprü, Assisi, Auschwitz
“Zie
hoe ze net is teruggekomen van een reis, hoe ze nieuwe
flesjes toevoegt aan de al bestaande reeks, en plotseling
opmerkt dat, zonder het indigo van de zee, de schittering
van dat vergruizelde schelpenstrand verloren is gegaan; dat
er niets van de vochtige warmte van de wadi is
achtergebleven in het hardgeworden zand; dat, ver van
Mexico, het met lava vermengde zand van de vulkaan de
Paricutin een zwart stof, dat uit de rookvang van een
schoorsteen geveegd lijkt te zijn. Ze probeert zich weer de
gewaarwordingen op dat strand, die boslucht, die droge
hitte te herinneren, maar het is als het schudden van dat
beetje zand op de bodem van de karaf die van een etiket is
voorzien.
Terwijl ik aldus bezig ben het dagboek van de droefgeestige
(of gelukkige) zandverzamelaarster te ontcijferen, ben ik
op het punt gekomen dat ik me afvraag, wat is er geschreven
in dat zand van geschreven woorden die ik in mijn leven op
een rij heb gezet, dat zand dat me nu zo ver lijkt af te
staan van de stranden en woestijnen van het leven.
Misschien, als we het zand bekijken als zand, en de woorden
als woorden, zullen we bij benadering kunnen begrijpen hoe
en in welke mate ze de verzamelde en geërodeerde wereld nog
tot basis en model kunnen dienen.”
uit:
Italo Calvino, een zandverzameling (Collezione di sabbia),
vertaling: Irene Beckers; verschenen in: De Tweede Ronde,
Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam 1987
Retouches
Waterland


Het
geheim van Utrecht
(2003-2005)
Het spanningsveld tussen het zichtbare en het onzichtbare
is een vast element in mijn werk. Daarin ligt op zich al
een geheim besloten. „Het zijn poëtische, mistige beelden.
De serie dwaalt langs verschillende plaatsen in Utrecht. In
elke foto is de fotograaf een geheim op het spoor maar
lijkt dit net te ontsnappen. Er is een suggestie van een
verhaal, maar de inhoud blijft verborgen. Wat rest is een
geheimzinnige stilte.” Zie voor de hele serie:
www.stedelijkefotografie.nl/fotografen.' (bron: SFU
Utrecht)
Deze reeks was
onderdeel van de expositie het Geheim van Utrecht, in het
Centraal Museum in Utrecht.
Sailing
(2005)
Amsterdam (in opdracht
van SBK)